Waar gaat uw geld elke maand heen?
Drie bakken: wat elke maand hetzelfde is, wat schommelt, en wat u opzij zet. De pagina geeft het aandeel van uw inkomen en wat er nergens aan is toegewezen.
Uw gegevens
Uw resultaat
Formule
Vast of variabel, niet nodig of overbodig
De grens ligt hier bij de regelmaat. Een vaste last komt elke maand voor hetzelfde bedrag terug: huur, verzekeringen, abonnementen, energie. Een variabele uitgave beweegt: boodschappen, brandstof, uitgaan.
Dat is iets anders dan nodig tegenover overbodig. Boodschappen zijn noodzakelijk én variabel; een abonnement dat u niet meer gebruikt is overbodig én vast. Voor een budget is voorspelbaarheid het bruikbare criterium, want die bepaalt waar u zich op kunt vastleggen.
Wat de berekening laat zien
Bij € 3.200 inkomen met € 1.600 vaste lasten, € 960 variabele uitgaven en € 320 sparen zijn de aandelen 50%, 30% en 10%. Samen is dat geen honderd: er blijft € 320 niet toegewezen.
Die € 320 is het interessante getal. Het is geen spaargeld — sparen is al apart geteld. Het is geld dat bestaat en dat niemand volgt, en daar zit bijna altijd de ruimte die u dacht niet te hebben.
Het Nibud deelt anders in
Wie in Nederland met budgetteren bezig is, komt de indeling van het Nibud tegen. Die kent ook drie bakken, maar andere: vaste lasten, reserveringsuitgaven en huishoudelijke uitgaven.
Reserveringsuitgaven zijn volgens het Nibud de posten waarvan zeker is dat een huishouden ermee te maken krijgt, maar niet wanneer — vervanging van de inboedel, het eigen risico van de zorgverzekering, kleding en vakantie. Ze zijn geen vaste last en geen dagelijkse boodschap, en ze zijn ook geen sparen naar een doel.
Deze pagina heeft daar geen aparte bak voor. Wat het Nibud reserveringsuitgaven noemt valt hier deels onder de variabele uitgaven en deels onder het sparen, en dat is precies het punt waarop de twee indelingen uit elkaar lopen. Werkt u met de Nibud-methode, reken dan niet op dezelfde percentages.
Nog een verschil: het Nibud zondert de vaste lasten af op contract, niet op regelmaat. Een boodschappenbedrag dat elke maand gelijk is, is hier vast en daar niet.
Het spaardoel volgt uit de andere twee
Zet u de vaste lasten op 60%, dan is het het sparen dat het verschil betaalt. Dat is precies de afweging die de moeite van het bekijken waard is, en de reden dat het derde doel niet apart wordt gevraagd.
De 50/30/20-regel die u in Nederland ook tegenkomt komt uit de Verenigde Staten, waar wonen, zorg en pensioen anders wegen. De velden staan daarom vrij, en de getoonde waarden zijn niet meer dan een startpunt.
De diagnose wijst een post aan, geen totaal
Gaat een post meer dan vijf punten over zijn doel heen, dan wordt die genoemd, en de vaste lasten gaan voor de variabele. Dat is praktisch: een variabele uitgave snijdt u de maand erna weg, een vaste last vraagt om opzeggen, verhuizen of heronderhandelen.
Gaat het totaal boven het inkomen uit, dan wordt er verder niets gemeld — die constatering gaat voor elke verdeling.